4.1 Ontwikkeling overheidsfinanciën
Ontwikkeling begrotingssaldo
Sinds de vorige Miljoenennota zijn de overheidsfinanciën sterk verslechterd. Waar vorig jaar nog overschotten werden geraamd, wordt in 2010 een tekort van 6,3 procent verwacht (zie tabel 4.1).
| Tabel 4.1 Budgettaire kerngegevens (in € miljard) |
| |
2008 |
2009 |
2010 |
| Inkomsten (belastingen en sociale premies) |
221,9 |
209,6 |
211,8 |
| |
| Netto uitgaven onder de kaders1 |
209,8 |
221,5 |
231,0 |
| w.v. Rijksbegroting in enge zin |
103,5 |
107,7 |
112,0 |
| w.v. Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt |
54,5 |
58,7 |
62,3 |
| w.v. Budgettair Kader Zorg |
51,8 |
55,0 |
56,8 |
| Overige netto uitgaven |
5,3 |
12,1 |
13,1 |
| w.v. Rentelasten |
9,3 |
10,2 |
10,9 |
| w.v. Stimuleringspakket (excl. inkomstenkant) |
0,0 |
1,7 |
2,5 |
| w.v. Overig (gasbaten, FES, zorgtoeslag etc.) |
– 4,0 |
0,2 |
– 0,3 |
| Totale netto uitgaven |
215,1 |
233,6 |
244,1 |
| |
|
|
|
| EMU-saldocentrale overheid |
6,8 |
– 24,0 |
– 32,2 |
| |
|
|
|
| EMU-saldolokale overheden |
– 2,6 |
– 3,7 |
– 4,3 |
| |
|
|
|
| Feitelijk EMU-saldo |
4,2 |
– 27,7 |
– 36,5 |
| |
| Feitelijk EMU-saldo (in % bbp) |
0,7% |
– 4,8% |
– 6,3% |
Omdat de overheidsuitgaven en daarmee het voorzieningenniveau op peil worden gehouden en de belasting- en premie-inkomsten door de economische teruggang snel teruglopen ten opzichte van eerdere ramingen, verslechtert het EMU-saldo in rap tempo. Ten tijde van de Miljoenennota 2009 werd nog uitgegaan van 234 miljard euro inkomsten uit belastingen en premies in 2009 en 243 miljard euro in 2010. Inmiddels zijn deze ramingen bijgesteld naar 210 miljard euro in 2009 en 212 miljard euro in 2010. Ook worden meer uitgaven verwacht door de stijgende werkloosheid.
Het kabinet heeft besloten om in deze slechte economische tijd geen compenserende maatregelen te nemen om het tekort terug te dringen: de lagere inkomsten en hogere uitgaven werken volledig door in het EMU-saldo. Dit betekent dat de zogenoemde automatische stabilisatoren in deze kabinetsperiode volledig werken. Ook het EMU-saldo van de lokale overheden verslechtert aanzienlijk als gevolg van de crisis, zowel in 2009 als in 2010. Daarnaast heeft het kabinet besloten tot een stimuleringspakket in 2009 en 2010. Tabel 4.2 geeft een overzicht van de ontwikkelingen in het EMU-saldo ten opzichte van de ramingen ten tijde van de Miljoenennota 2009.
| Tabel 4.2 Ontwikkeling EMU-saldo in procenten bbp |
| |
2009 |
2010 |
| EMU-saldo Miljoenennota 2009 |
1,2% |
0,8% |
| Inkomsten |
– 4,1% |
– 5,3% |
| Aardgasbaten |
?? 1,0% |
– 0,6% |
| Uitgaven aan werkloosheidsuitkeringen |
– 0,3% |
– 0,8% |
| Stimuleringspakket |
– 0,4% |
– 0,5% |
| Rente-uitgaven |
– 0,2% |
– 0,2% |
| Opbrengsten ingrepen financiële sector |
0,2% |
0,1% |
| EMU-saldo lokale overheden |
– 0,6% |
– 0,7% |
| Overige uitgaven |
0,4% |
0,9% |
| EMU-saldo Miljoenennota 2010 |
– 4,8% |
– 6,3% |
Ook het structurele saldo verslechtert in beide jaren fors, tot – 4 procent in 2010. Dit structurele saldo is het feitelijke EMU-saldo gecorrigeerd voor conjuncturele ontwikkelingen. Door deze correctie ontstaat inzicht in de onderliggende, structurele ontwikkeling van de overheidsfinanciën. Het structurele EMU-saldo is veel minder negatief dan het feitelijke EMU-saldo. Dit geeft aan dat de Nederlandse economie duidelijk onder het potentiële groeiniveau presteert. Deze indicator moet wel met grote voorzichtigheid worden gehanteerd, omdat de onzekerheid over de omvang van de conjunctuurcorrectie momenteel aanzienlijk groter is dan gewoonlijk.
| Tabel 4.3 Structureel EMU-saldo, procenten bbp |
| |
2008 |
2009 |
2010 |
| Feitelijk EMU-saldo (in % bbp) |
0,7% |
– 4,8% |
– 6,3% |
| Af: Conjuncturele component/incidentele componenten* |
1,8% |
– 1,3% |
– 2,3% |
| Structureel EMU-saldo Miljoenennota 2010 |
– 1,1% |
– 3,5% |
– 4,0% |
Lees ook:
Voeg toe aan Mijn Miljoenennota
Bron: Miljoenennota, Hoofdstuk 4, Budgettair beeld, pagina 63 (PDF, 132 kB)